Woonbron Rotterdam trekt aan het langste eind in conflict met gemeente

De gemeente Rotterdam heeft het onderspit moeten delven in een conflict met woningcorporatie Woonbron. De gemeente wilde dat Woonbron ruim 10 miljoen euro investeerde in het onteigenen van woningen in de wijk Carnisse. De woningcorporatie weigerde dit en stapte naar verantwoordelijk minister Ollongren. Deze deed onlangs een bindende uitspraak waarin zij Woonbron in het gelijk stelde. Deze uitspraak heeft gevolgen voor vergelijkbare situaties in andere gemeenten.

Nieuwbouwplannen gemeente Rotterdam gedwarsboomd

De gemeente Rotterdam wilde in de wijk Carnisse ruim 150 oudere koopwoningen laten slopen. Ze moesten plaats maken voor een 50-tal nieuwe huurwoningen in het midden- en hoger segment. Zo wilde de gemeente de diversiteit in de wijk vergroten om deze aantrekkelijker te maken. De wijk maakt deel uit van het Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ). Dit programma voorziet in de sloop dan wel renovatie van woningen om de wijken in circa 20 jaar beter leefbaar te maken. Het streven is om in de komende 2 decennia zo’n 35.000 woningen aan te pakken. Het gaat daarbij om zowel huurwoningen als koopwoningen.

Bijdragen door een korting op de verhuurdersheffing

Woonbron wil wel bijdragen aan het saneren van woningen, maar dan alleen door een korting op de verhuurdersheffing. Dit is een bijdrage die woningcorporaties moeten afdragen aan het Rijk. Zo is er sprake van een niet rechtstreekse financiering die bovendien ver boven die 10 miljoen kan oplopen, aldus Woonbron. Met een dergelijke constructie werkt de woningcorporatie momenteel al mee aan de sloop en herbouw van woningen in een andere straat in Carnisse.

Een commissie onder leiding van voormalig minister Dekker van VROM oordeelde dat de gemeente een woningbouwvereniging kan vragen om ‘naar redelijkheid’ bij te dragen aan vernieuwing van het sociale woningaanbod, maar dat verplichten niet mogelijk is. De minister nam het advies van de commissie over.

Bron: NRC Next

Delen op LinkedIn