De bouwsector staat voor lastige uitdagingen in 2023

28 februari 2023

In 2022 ging het prima met de bouwsector. De omzet steeg met bijna 10%. Grote bouwbedrijven als BAM en Heijmans boekten over 2022 uitstekende resultaten. Voor 2023 ziet het er minder goed uit. De bouw staat voor meerdere uitdagingen die het hoofd geboden moeten worden. Beide bedrijven focussen zich liever op projecten in Nederland en dan het liefst kleinschalige opdrachten. Zeesluizen bouwen en de Afsluitdijk renoveren, het zijn miljoenenprojecten die veel kunnen opleveren. Maar de risico’s zijn ook groot. Dat hebben beide bedrijven de afgelopen jaren ervaren.

Woningbouw

Ook de grote bedrijven in de bouwsector focussen zich in 2023 graag op woningbouw. De overheid wil dat er gebouwd wordt om het woningtekort op te lossen. Dus er is werk genoeg. Toch pakken donkere wolken zich samen boven de zo zonnig lijkende woningbouw. In 2023 wordt een krimp van gemiddeld 1,5 procent verwacht. Het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) voorziet de krimp omdat de rente stijgt en de huizenmarkt te maken heeft met dalende verkoopprijzen. Daar komt bij dat werkzaamheden aan de infrastructuur stil liggen in verband met problemen met de stikstofuitstoot. De uitspraak van de Raad van State eind 2022 heeft op dat punt verstrekkende gevolgen. Daar komt nog bij dat de RvS in het voorjaar van 2023 nog een uitspraak doet die mogelijk nog meer problemen gaat geven voor bouw- en infrastructuur projecten.

De bouwsector staat voor lastige uitdagingen in 2023

Stagnerende nieuwbouw

Bouwbedrijven merken dat de bouw van nieuwe woningen stagneert. Door de hogere rente kunnen kopers minder lenen. Hierdoor is er minder animo voor de dure nieuwbouwwoningen. Bouwbedrijven willen en kunnen niet in hun eentje opdraaien voor de gestegen bouwkosten. Hierdoor zien projectontwikkelaars hun rendement dalen. Dit leidt ertoe dat projecten worden uitgesteld of zelfs helemaal niet doorgaan. Werden nieuwbouwwoningen tot halverwege 2022 nog vlot verkocht, nu gebeurt het regelmatig dat een project niet kan starten omdat de vereiste 70% van de te bouwen huizen niet in de voorverkoop is verkocht. Zowel BAM als Heijmans verwachten daarom in 2023 minder nieuwe woningen te bouwen. In 2022 waren beide bedrijven nog goed voor rond de 2.000 nieuwbouwwoningen per bedrijf.

Vertraging bij vergunningen

De verlening van bouwvergunningen loopt forse vertraging op. De belangrijkste oorzaak is de stikstofcrisis. Per project moet eerst worden berekend hoeveel stikstofuitstoot ermee gemoeid is. Dit leidt ertoe dat de bouw van zo’n 100.000 woningen vertraging oploopt. Voor circa 8.000 huizen geldt dat ze zeer waarschijnlijk helemaal niet worden gebouwd. In 2022 werd al 16% minder aan vergunningen verleend. Dit heeft vooral gevolgen voor de bouwsector in de jaren na 2023. Het tekort aan woningen zal daardoor in 2023 oplopen naar rond de 400.000. Dit aantal werd berekend door Capital Value, adviesbureau voor vastgoedbeleggers.

Bouwers anticiperen op de toekomst

Zowel BAM als Heijmans stellen zich in op de veranderende situatie in de bouwsector vanaf 2023. BAM kondigt aan dat het bedrijf zeer terughoudend wordt met inschrijven voor bouwprojecten waar de stikstofuitstoot een grote rol speelt. Heijmans richt zich minder op nieuwbouw maar focust meer op herstel van infrastructuur en verduurzaming van bestaande gebouwen. De kostenstijgingen nemen forse vormen aan. Woningbouw is sinds 2023 zo’n 9% duurder geworden. De kosten van de bouw van kantoren en andere bedrijfspanden steeg met gemiddeld 11%. Wegenbouw en andere infrastructuur laat een kostenstijging van gemiddeld 7% zien. De prijzen voor staal, kunststof en dieselolie lijken inmiddels wel weer wat te stabiliseren. Maar de situatie blijft onzeker zolang de oorlog in Oekraïne voortduurt. Daar komt de inflatie nog bij. Ook stijgen de lonen van bouwvakkers in 2023 met 5%.

Nieuwe manieren van bouwen

De stijgende kosten en de druk om te verduurzamen noodzaken de bouwsector tot het nemen van maatregelen. Heijmans en BAM investeerden miljoenen in verduurzaming van hun machines. Bouwmaterieel met een elektromotor is drie keer zo duur als een vergelijkbare machine op diesel. Voor kleinere bouwbedrijven zijn dergelijke investeringen onhaalbaar. Verder investeren grote bouwbedrijven in bouwen met hout en het realiseren van prefab. Daarnaast profiteren bedrijven die panden isoleren of zonnepanelen en warmtepompen installeren van een toenemende hoeveelheid opdrachten.

Bron: NRC