Woningcorporaties naar rechter om ATAD-belastingdruk

9 maart 2026

Woningcorporatie Stadgenoot start juridische procedure

Steeds meer juridische procedures onder aannemersDe Amsterdamse woningcorporatie Stadgenoot heeft de juridische strijd geopend tegen een belastingregeling die volgens de sector onbedoeld zwaar uitpakt voor sociale woningbouw. De corporatie stapt naar de rechter om een uitzondering af te dwingen op zowel de vennootschapsbelasting als de Europese belastingrichtlijn ATAD.

Volgens Stadgenoot leidt de huidige regelgeving ertoe dat een organisatie zonder winstoogmerk jaarlijks miljoenen euro’s aan belasting afdraagt. Dat wringt, omdat de opbrengsten van corporaties vrijwel altijd opnieuw worden geïnvesteerd in sociale huurwoningen, nieuwbouwprojecten en verduurzaming.

De Amsterdamse corporatie verwacht niet alleen te staan in deze strijd. Naar verwachting zullen tientallen andere woningcorporaties hetzelfde pad volgen en eveneens beroep aantekenen tegen hun belastingaanslag.

Europese ATAD-richtlijn drukt zwaar op woningcorporaties

De kern van het probleem ligt bij de Europese Anti Tax Avoidance Directive (ATAD), een richtlijn die in 2019 werd ingevoerd om belastingontwijking door multinationals te beperken. De regels zijn bedoeld om complexe financiële constructies tegen te gaan waarbij bedrijven via internationale leningen en renteaftrek hun belastingdruk verlagen.

In de praktijk blijken de regels echter ook woningcorporaties en projectontwikkelaars hard te raken. De richtlijn beperkt namelijk de mogelijkheid om rentelasten af te trekken van de vennootschapsbelasting. Juist die rentelasten spelen een grote rol bij vastgoedontwikkeling, omdat corporaties vaak omvangrijke leningen afsluiten voor nieuwbouw en verduurzaming van woningen.

Het gevolg is dat een groot deel van de financieringskosten niet langer fiscaal aftrekbaar is. Daardoor stijgt de effectieve belastingdruk, zelfs wanneer corporaties hun inkomsten volledig opnieuw investeren in de woningvoorraad.

Belastingdruk groeit naarmate woningbouw toeneemt

Volgens brancheorganisatie Aedes ontstaat hierdoor een opmerkelijke paradox. Hoe meer corporaties investeren in nieuwe woningen, hoe hoger hun rentelasten worden en daarmee ook de belastingdruk. Investeringen die juist nodig zijn om de woningcrisis te verlichten, leiden zo tot extra fiscale lasten.

De sector betaalt momenteel gezamenlijk ongeveer 770 miljoen euro per jaar aan vennootschapsbelasting. Door de impact van de ATAD-regels kan dit bedrag volgens berekeningen van Aedes oplopen tot ongeveer 1,5 miljard euro in 2029.

De organisatie spreekt daarom van een belasting die feitelijk neerkomt op een ‘boete op investeringen’ in sociale woningbouw.

Miljoenen minder voor woningbouw en verduurzaming

Voor individuele corporaties kan het effect aanzienlijk zijn. Stadgenoot betaalt momenteel naar schatting zo’n 16 miljoen euro per jaar als gevolg van de ATAD-regels. Volgens de corporatie zou dit bedrag direct ingezet kunnen worden voor nieuwe woningen en verduurzaming van bestaande huurwoningen.

Met datzelfde bedrag kan jaarlijks voldoende financiering worden aangetrokken om grootschalige woningbouwprojecten mogelijk te maken. De belastingdruk beperkt daardoor volgens de corporatie direct de investeringsruimte in de woningmarkt.

De juridische procedure wordt ondersteund door fiscale adviseurs en kan een langdurig traject worden. In het uiterste geval kan de zaak zelfs bij het Europees Hof van Justitie belanden.

Financiële ruimte voor corporaties onder druk

De timing van de rechtszaak is niet toevallig. Woningcorporaties staan de komende jaren voor een enorme investeringsopgave. Het kabinet verwacht dat zij een belangrijke rol spelen bij de bouw van nieuwe sociale huurwoningen en bij het verduurzamen van bestaande woningvoorraad.

Hoewel de overheid inmiddels heeft toegezegd dat de vennootschapsbelasting vanaf 2028 gedeeltelijk wordt verlaagd, blijft de toepassing van de ATAD-richtlijn voorlopig volledig van kracht.

Volgens Stadgenoot komt de financiële ruimte daardoor steeds verder onder druk te staan. Op korte termijn kunnen investeringsplannen nog worden uitgevoerd, maar richting het volgende decennium dreigt een knelpunt te ontstaan.

De corporatie verwacht dat rond 2030 de grens van de financierbaarheid in zicht komt. Wanneer belastingdruk en investeringsopgaven blijven oplopen, wordt het lastiger om nieuwe leningen aan te trekken voor woningbouw en verduurzaming.

Bron: nrc.nl