Nieuwbouw versnellen blijkt lastig: minister ziet obstakels

5 maart 2026

Werkbezoek aan nieuwbouwproject legt realiteit woningbouw bloot

Honderden bouwprojecten voor de zorg in NederlandEen eerste bezoek aan een bouwplaats zegt soms meer dan een stapel beleidsstukken. Dat merkte de nieuwe minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, Elanor Boekholt-O’Sullivan, tijdens haar kennismaking met een grootschalig woningbouwproject op bedrijventerrein De Binckhorst in Den Haag.

Daar kreeg de kersverse minister meteen de praktische kant van haar nieuwe functie te zien. Met helm, veiligheidsvest en stevige werkschoenen stond ze op een plek waar de komende jaren duizenden nieuwe woningen moeten verrijzen. Een symbolisch begin van een ambitieuze opdracht: jaarlijks 100.000 woningen bouwen en een tekort van circa 400.000 woningen terugdringen.

Het bezoek maakte echter ook duidelijk dat de weg van plan naar oplevering vaak langer is dan beleidsmakers zouden wensen.

De Binckhorst als voorbeeld van grootschalige woningbouw

De Binckhorst geldt als een van de grootste binnenstedelijke woningbouwlocaties van Nederland. Op het voormalige bedrijventerrein, op slechts tien minuten fietsen van Den Haag Centraal, moeten uiteindelijk meer dan twintigduizend woningen komen.

De woontoren die de minister bezocht, biedt straks ruimte aan ongeveer 360 appartementen en krijgt een hoogte van circa 130 meter. Ondanks de zichtbare voortgang op de bouwplaats zal het nog enige tijd duren voordat de eerste bewoners hun intrek nemen.

De tijdlijn achter zo’n project laat namelijk zien hoe lang het traject richting realisatie kan zijn. Volgens ontwikkelaars kan er tussen de eerste planvorming en de start van de bouw al snel acht jaar zitten. In het geval van een deelgebied op De Binckhorst begon de planvorming in 2021, terwijl de bouw op zijn vroegst pas in 2029 kan starten.

Dat is bovendien nog zonder mogelijke juridische procedures, die bij veel woningbouwprojecten vrijwel onvermijdelijk zijn.

Woningbouw vertraagt door regels en infrastructuur

Volgens betrokken ontwikkelaars en projectpartners is de lange voorbereidingstijd het resultaat van een complex samenspel van factoren. Netcongestie speelt een rol, net als parkeernormen, infrastructuurprojecten en bestaande bedrijvigheid die eerst moet worden verplaatst.

Ook praktische zaken kunnen grote invloed hebben op de planning. Zo moet voor de verdere ontwikkeling van De Binckhorst onder meer een tramlijn worden aangelegd voordat nieuwe woningbouw mogelijk is. Daarnaast bevindt zich in het gebied een belangrijk afvalcluster dat momenteel het huisvuil van Den Haag verwerkt. Voor een leefbare woonwijk moet deze installatie worden verplaatst, maar waarheen en hoe blijft voorlopig onderwerp van discussie.

Het zijn precies dit soort vraagstukken die ervoor zorgen dat woningbouwprojecten vaak jaren nodig hebben voordat de eerste heipaal daadwerkelijk de grond in kan.

Bouwsnelheid op de bouwplaats is niet het probleem

Op de bouwplaats zelf blijkt het tempo vaak verrassend hoog. Tijdens het bezoek zag de minister hoe bij de woontoren Blox vrijwel elke week een nieuwe verdieping wordt geplaatst. Prefab-gevelelementen komen rechtstreeks uit de fabriek en worden direct gemonteerd.

Door dit soort industriële bouwmethoden kan de bouwtijd aanzienlijk worden verkort. In sommige gevallen scheelt het gebruik van prefab-elementen en innovatieve bouwtechnieken zelfs een jaar in de planning.

Opvallend genoeg zit de vertraging dus zelden in het daadwerkelijke bouwen. Veel ontwikkelaars wijzen juist op de uitgebreide procedures, regels en afstemmingstrajecten die voorafgaan aan de bouwfase.

Nieuwe woningbouwlocaties als speerpunt van beleid

Het kabinet wil de woningbouw versnellen door in te zetten op grootschalige nieuwbouwlocaties verspreid over het land. In het coalitieakkoord wordt gesproken over minstens dertig locaties van nationaal belang waar nieuwe wijken of zelfs nieuwe steden kunnen ontstaan.

Grote projecten spelen daarmee een centrale rol in de woningbouwstrategie. Tegelijkertijd klinkt vanuit verschillende experts de oproep om ook nadrukkelijk te kijken naar oplossingen binnen de bestaande gebouwde omgeving.

Denk aan het splitsen van woningen, het toevoegen van extra verdiepingen op bestaande gebouwen of het ontwikkelen van kleinere uitbreidingen binnen bestaande wijken. Volgens de minister is het geen kwestie van kiezen, maar van combineren.

Grootschalige nieuwbouwprojecten blijven volgens haar noodzakelijk, maar ook maatregelen zoals optoppen en woningdelen kunnen bijdragen aan het sneller vergroten van het woningaanbod.

Bron: fd.nl