Explosieve onderhoudskosten bedreigen woningcorporaties

4 februari 2026

Financiële tekorten lopen op door stijgende onderhoudskosten

Wie wint de strijd om de vrijgekomen sociale huurwoningWoningcorporaties staan onder zware financiële druk. De afspraken uit de Nationale Prestatieafspraken (NPA), waarin ambitieuze doelen zijn gesteld voor nieuwbouw en verduurzaming, blijken nauwelijks haalbaar. Oorzaak: een forse en onverwachte stijging van onderhoudskosten en rentelasten. Dat blijkt uit een recent rapport van de Autoriteit woningcorporaties (Aw).

In 2024 werd nog gerekend op een tekort van ruim €5 miljard voor de periode tot 2035. Inmiddels is dat gat opgelopen tot meer dan €19 miljard. Vrijwel alle regio’s die onder de woondeals vallen, lopen tegen hun grenzen aan. De toezichthouder stelt dat er “robuuste, structurele maatregelen” nodig zijn om het evenwicht tussen ambities en middelen te herstellen.

Stijging onderhoudskosten overtreft die van bouwkosten

Wat vooral zorgen baart, is de snelheid waarmee de onderhoudskosten zijn gestegen. Tussen 2018 en 2024 liepen deze uitgaven op van €4,1 miljard naar €6,7 miljard – een stijging van meer dan 60%. Ter vergelijking: in diezelfde periode stegen de algemene bouwkosten met ongeveer 30%.

In 2025 bedroegen de uitgaven aan onderhoud en verbetering €11,7 miljard, omgerekend zo’n €5.000 per verhuureenheid. Ten opzichte van 2020 is dat een stijging van bijna 65%. De Autoriteit woningcorporaties vermoedt dat veroudering van het woningbestand, hogere ambities en prijsstijgingen bij leveranciers hierin een rol spelen. Toch is er nog onvoldoende inzicht in de exacte oorzaken.

Mogelijke invloed van private equity op kostenontwikkeling

Een opvallend punt uit het rapport is de suggestie om nader onderzoek te doen naar de invloed van private-equityfirma’s. Steeds vaker nemen zij onderhoudsbedrijven over die actief zijn binnen de corporatiesector. Hierdoor ontstaan risico’s op prijsopdrijving en sterke afhankelijkheid, vooral wanneer meerdere schakels in de onderhoudsketen binnen één holding vallen. Bewijs voor directe beïnvloeding van de kosten is er echter nog niet.

Woningproductie stijgt, maar netto toename blijft beperkt

Niet alles is kommer en kwel: in 2025 bouwden woningcorporaties ruim 25.000 nieuwe woningen – het hoogste aantal sinds 2013. Toch wordt het positieve effect afgezwakt door sloop-nieuwbouwprojecten. Hierdoor stijgt het totale aantal corporatiewoningen slechts met 12.000 tot 18.000 woningen tussen 2026 en 2030. Het aandeel corporatiewoningen in de totale woningvoorraad daalt daarmee verder, tot ongenoegen van de toezichthouder.

Ook middenhuur lijkt in de lift te zitten. In 2025 werden ruim 2.000 middenhuurwoningen gebouwd via de commerciële takken van corporaties. Vanaf 2029 moet dit aantal groeien naar 5.000 woningen per jaar.

Gebrek aan locaties remt toekomstige bouwproductie

Op de lange termijn is het gebrek aan bouwlocaties een extra bedreiging. Vanaf 2030 is voor de helft van de geplande nieuwbouw nog geen grondpositie beschikbaar. Veel grond is in handen van marktpartijen, die uitgaan van commerciële prijzen. Daardoor wordt het lastig voor corporaties om voldoende locaties te verwerven tegen aanvaardbare voorwaarden.

Waarschuwing, maar geen oproep tot stilstand

De Autoriteit woningcorporaties roept corporaties op niet te remmen, ondanks de zorgwekkende cijfers. De maatschappelijke opgave blijft urgent, en er is voor de komende jaren nog voldoende financiële ruimte om te blijven bouwen. De oproep aan het kabinet: werk aan structurele oplossingen zodat die investeringsruimte niet verdampt.

Bron: cobouw.nl