Durf te onteigenen zegt advies over grondmarkt

12 februari 2026

Grondmarkt belemmert woningbouw en landbouwtransitie

Gemeenten willen woningbouw stimuleren met lage grondprijsDe Nederlandse grondmarkt zit op slot en dat heeft directe gevolgen voor woningbouw, natuurontwikkeling en de verduurzaming van de landbouw. In een recent advies stelt de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur dat steviger ingrijpen onvermijdelijk is. Zonder daadkrachtig grondbeleid blijven maatschappelijke doelen op het platteland steken in goede bedoelingen.

De kern van het probleem is helder: grond is schaars, de vraag is groot en de prijzen blijven stijgen. De prijs van landbouwgrond ligt inmiddels negen keer boven het Europees gemiddelde. Tegelijkertijd wisselt er nauwelijks nog grond van eigenaar. Wie grond bezit, wacht vaak op een toekomstige bestemmingswijziging en de bijbehorende waardesprong. Dat drijft niet alleen de prijs van landbouwgrond op, maar werkt ook door in de kostprijs van nieuwbouwwoningen.

Onteigening als instrument in het grondbeleid

Volgens de raad beschikt de overheid over voldoende instrumenten om de grondmarkt in beweging te krijgen, maar ontbreekt het aan lef om die daadwerkelijk in te zetten. Onteigening en herverkaveling worden nadrukkelijk genoemd als onmisbare middelen binnen het grondbeleid. Ook het recht van eerste koop kan helpen om speculatie tegen te gaan.

Onteigening is de afgelopen jaren steeds gevoeliger geworden in het publieke debat. Toch wijst de raad erop dat het instrument in de praktijk zelden daadwerkelijk tot gedwongen afname leidt. Alleen al het benoemen van onteigening in een procedure versnelt vaak de onderhandelingen. In het overgrote deel van de gevallen leidt het alsnog tot een minnelijke schikking, mits daar een ruimhartige compensatie tegenover staat.

Voor gebiedsontwikkelingen, infrastructurele projecten of grootschalige woningbouw kan een consequenter gebruik van deze instrumenten het verschil maken tussen jarenlange stagnatie en daadwerkelijke realisatie.

Stijgende grondprijzen en publieke miljarden

De raad waarschuwt daarnaast dat de overheid zelf bijdraagt aan verdere prijsopdrijving. Extra subsidies en miljardeninvesteringen, hoe goed bedoeld ook, vergroten de vraag naar grond en kunnen zo het tegenovergestelde effect hebben. De nieuwe coalitie heeft €20 mrd gereserveerd om de landbouw toekomstbestendig te maken. Zonder doordacht grondbeleid kan een deel van dat bedrag verdampen in hogere grondprijzen.

Dat vraagt om een scherpere regie op hoe publieke middelen worden ingezet. Geld alleen is geen oplossing voor schaarste. Het gaat om structuur, regie en het maken van duidelijke keuzes in functies en bestemmingen.

Nieuwe categorie maatschappelijke landbouw

Om de druk op de landbouwgrond te verlichten, pleit de raad voor een nieuwe categorie: maatschappelijke landbouw. Deze vorm van landbouw zou minder intensief en minder productief zijn en zich richten op zogenoemde landschapsgrond. Boeren ontvangen daarbij andere subsidies en fiscale regelingen, zodat zij toch een gezond verdienmodel kunnen behouden.

Hier ligt ook een belangrijke rol voor regionale overheden. Zij moeten bepalen waar welke vorm van landbouw het best tot zijn recht komt. De rijksoverheid kan regio’s die nog twijfelen verleiden met gerichte financiële prikkels. Zeker in het licht van een verwachte krimp van de veestapel in Noordwest-Europa is de vraag niet of, maar hoe die transitie ruimtelijk wordt ingepast.

Opkoopregelingen en grondbank als sturingsmiddel

Het advies is ook nadrukkelijk gericht aan het nieuwe kabinet. Bij eerdere beëindigingsregelingen voor boeren bleef de grond vaak in handen van stoppende ondernemers. Volgens de raad is dat een gemiste kans. Wanneer de overheid de grond had aangekocht en ondergebracht in een grondbank of ingezet als ruilgrond, had zij meer grip gehad op de ruimtelijke herontwikkeling.

Nu ligt verpachting voor de hand, waardoor de structurele herinrichting van het landelijk gebied minder snel van de grond komt. Een actiever grondbeleid, waarbij grond onderdeel is van een stopregeling, kan toekomstige gebiedsontwikkelingen aanzienlijk vergemakkelijken.

De boodschap is duidelijk: wie woningbouw wil versnellen, de landbouw wil hervormen en publieke miljarden effectief wil inzetten, kan niet om een krachtiger grondbeleid heen. De instrumenten zijn er al, het komt nu aan op consistent gebruik en bestuurlijke moed.

Bron: fd.nl