Buitenstedelijk bouwen slecht voor CO2-uitstoot
22 januari 2026
Waar je bouwt is belangrijker dan hoe je bouwt
Wie denkt dat duurzaam bouwen vooral draait om isolatie, zonnepanelen en biobased materialen, krijgt met nieuw onderzoek een andere werkelijkheid voorgeschoteld. Onderzoekers, onder leiding van Cody Hochstenbach (UvA), stellen dat locatiekeuze en bebouwingsdichtheid veel grotere impact hebben op de CO2-voetafdruk van woningen dan de gebruikte bouwmaterialen of energieprestaties.
In het huidige bouwbeleid dreigt het CO2-budget van de Nederlandse woningmarkt al in 2033 te zijn opgebruikt. Zelfs als woningen zelf volledig klimaatneutraal zouden worden gebouwd, blijven bewoners door hun mobiliteit – vooral met de auto – voor een forse uitstoot zorgen.
Mobiliteit als grootste vervuiler
De analyse laat zien dat autogebruik verantwoordelijk is voor het grootste deel van de CO2-impact van wonen. Dit geldt voor alle woningtypes, inkomensklassen en eigendomsvormen. Hogere inkomens in ruime koopwoningen op locaties met lage dichtheid veroorzaken, ondanks investeringen in verduurzaming, alsnog de hoogste uitstoot.
Een compact gebouwde woning in een stad, zelfs als die niet optimaal geïsoleerd is, blijkt dan duurzamer dan een energiezuinige woning aan de rand van de stad. De conclusie van het onderzoek is helder: bouwen op buitenstedelijke locaties met lage dichtheden is fundamenteel niet duurzaam.
Openbaar vervoer biedt onvoldoende compensatie
Hoewel nieuwe buitenstedelijke wijken vaak worden aangelegd met voorzieningen voor openbaar vervoer, blijkt dat onvoldoende om het autogebruik te compenseren. Volgens Hochstenbach blijven veel bewoners toch de auto gebruiken, simpelweg omdat lopen of fietsen daar minder vanzelfsprekend is. Binnenstedelijk wonen stimuleert juist die duurzame alternatieven.
Hergebruik van de bestaande stad biedt kansen
Het kabinet zet inmiddels ook in op het beter benutten van de bestaande woningvoorraad. Een ontwikkeling die volgens de onderzoekers veel potentie biedt om forensenverkeer en daarmee CO2-uitstoot te beperken. Maar de verleiding blijft groot om ‘in het weiland te bouwen’, zeker met de druk op de woningmarkt.
Toch moet duurzaam beleid volgens Hochstenbach breder kijken dan alleen naar bouwmethodes. Natuurlijk zijn materialen en energiegebruik relevant, maar als de locatiekeuze verkeerd is, schiet het zijn doel voorbij. Pas als ook mobiliteit wordt meegenomen in het duurzaamheidsvraagstuk, kunnen echte stappen worden gezet.
Bron: cobouw.nl