Netcongestie bedreigt woningbouw in drie provincies

16 februari 2026

Stroomnet bereikt grenzen in Flevoland, Gelderland en Utrecht

Amsterdam kan niet uitbreiden vanwege te weinig capaciteit op het stroomnetDe druk op het elektriciteitsnet loopt verder op. Volgens nieuwe berekeningen van Tennet zijn de grenzen van het stroomnet in Flevoland, Gelderland en Utrecht bereikt. Als er niet snel extra capaciteit beschikbaar komt, dreigt deze zomer een aansluitstop voor kleinverbruikers, waaronder huishoudens en ontwikkelaars van woningbouwprojecten.

Dat betekent concreet dat nieuwe woningen mogelijk niet meer op het stroomnet kunnen worden aangesloten. In een markt waar de woningnood al groot is, komt daar een nieuwe onzekerheid bij: geen netcapaciteit, geen oplevering.

Woningbouw en nieuwbouwprojecten geraakt door netcongestie

Tot nu toe werden vooral bedrijven geraakt door netcongestie. Ruim 14.000 ondernemingen staan op een wachtlijst voor een aansluiting of uitbreiding. Nu blijken ook nog niet gebouwde woningen in de gevarenzone te komen. Nieuwe huizen zouden net als bedrijven op een wachtlijst belanden.

De timing is wrang. Tot 2030 moeten in deze drie provincies circa 200.000 woningen worden gerealiseerd. Een deel daarvan is al in aanbouw, maar een groot aantal projecten zit nog in de plan- of vergunningsfase. Zonder gegarandeerde netaansluiting verschuift het risico nadrukkelijk naar de ontwikkelfase.

Onvoldoende capaciteit ondanks eerdere maatregelen

Tennet geeft aan niet verrast te zijn door de uitkomst van de nieuwe analyse. Sinds oktober 2023 was duidelijk dat de situatie in deze regio’s zorgelijk was. De afgelopen maanden zijn maatregelen doorgerekend, maar die blijken onvoldoende effect te hebben.

In totaal is ongeveer veertig megawatt extra capaciteit vrijgemaakt, terwijl meer dan duizend megawatt nodig is om de krapte structureel op te lossen. Daarmee is de situatie volgens Tennet zelfs verslechterd ten opzichte van vorig jaar.

De energietransitie versnelt de druk op het net. Door de overstap van fossiele bronnen naar duurzaam opgewekte elektriciteit neemt de vraag naar transportcapaciteit snel toe. Het aantal transformatorstations en nieuwe kabeltracés groeit echter minder snel, mede door lange procedures en bezwaartrajecten.

Procedures, bezwaar en nationale prioriteit

De aanleg van nieuwe hoogspanningsstations en kabelverbindingen loopt regelmatig vertraging op door bezwaar van omwonenden en grondeigenaren. Om die reden ligt er een voorstel bij de Eerste Kamer om uitbreiding van het stroomnet aan te merken als ‘zwaarwegend nationaal belang’. In dat geval kunnen bezwaren direct bij de Raad van State worden ingediend, wat procedures tot anderhalf jaar zou kunnen verkorten.

Een concreet voorbeeld is het geplande hoogspanningsstation Utrecht-Noord, waarvoor een aanzienlijk oppervlak nodig is. De locatiekeuze blijkt echter complex. Zonder dergelijke uitbreidingen blijft de ruimte op het net beperkt en schuift de rekening door naar nieuwe aansluitingen.

Netbewust bouwen en hogere kosten voor woningbouw

Projectontwikkelaars zoeken intussen naar oplossingen om nieuwbouwprojecten ‘netbewuster’ te maken. Denk aan lokale energiesystemen of wijkbatterijen die pieken opvangen. Daarmee kan de druk op het net worden verminderd.

In de praktijk betekent dit wel een kostenstijging. Woningen met dergelijke maatregelen worden al snel 10.000 tot 15.000 euro duurder. In een markt waar betaalbaarheid onder druk staat, is dat een factor van betekenis voor businesscases en afzetbaarheid.

Daarnaast wordt ingezet op flexibel stroomgebruik. Openbare laadpalen die op piekmomenten dimmen of tijdelijk uitschakelen zijn daar een voorbeeld van. Ook thuislaadpunten zouden op termijn slimmer kunnen worden aangestuurd om piekbelasting te dempen.

Meer risico accepteren op het elektriciteitsnet?

Een fundamentele vraag ligt inmiddels op tafel: hoeveel risico op stroomuitval is acceptabel om een aansluitstop te voorkomen? Er wordt openlijk gesproken over het tijdelijk afschakelen van bedrijven op piekmomenten om huishoudens voorrang te geven.

Voor de woningbouw betekent dit dat energiezekerheid een steeds zwaarder wegende randvoorwaarde wordt in gebiedsontwikkeling. Netcapaciteit is niet langer een vanzelfsprekendheid, maar een strategische factor in locatiekeuze, fasering en haalbaarheid.

De discussie over een ‘crisiswet netcongestie’ en versnelde procedures onderstreept de urgentie. Voor projecten in Flevoland, Gelderland en Utrecht kan de beschikbaarheid van stroom de komende jaren net zo bepalend worden als grondprijs, stikstofruimte of financiering.

Bron: nrc.nl