Het verouderde spui- en gemaalcomplex in IJmuiden beschermt een groot deel van de Randstad tegen wateroverlast, maar belangrijke onderdelen naderen het einde van hun levensduur. Uitstel van vervanging vergroot niet alleen het overstromingsrisico, maar kan ook leiden tot omvangrijke schade aan vastgoed, infrastructuur en regionale bedrijvigheid.
4 miljoen
mensen zijn afhankelijk van het watersysteem rond IJmuiden
€1,4 – 2,3 mrd
geraamde kosten voor de bouw van een nieuw gemaal
Tot €700 mln
geschatte directe schade bij een overstroming
Kwetsbare schakel in de Randstad
Zes grote pompen voeren jaarlijks ongeveer drie miljard kubieke meter water uit het Amsterdam-Rijnkanaal en het Noordzeekanaal af naar de Noordzee. Vier pompen stammen uit 1975 en ook het bedieningssysteem en de stroomvoorziening zijn verouderd. Hierdoor neemt de kans toe dat het complex tijdens zware regen of storm onvoldoende functioneert.
De geringe marges in en rond Amsterdam maken het systeem extra gevoelig. In november 2023 stroomde door een storing zeewater het Noordzeekanaal in en moesten de sluizen aan het IJfront worden gesloten. Een langere uitval kan ervoor zorgen dat water zich ophoopt in lagergelegen polders en stedelijke gebieden.
Schade gaat verder dan natte gebouwen
Rijkswaterstaat raamt de directe schade aan objecten en bedrijven bij een overstroming op €100 miljoen tot €700 miljoen. Indirecte schade kan oplopen tot tientallen miljarden doordat wegen, energievoorzieningen, datacenters, Schiphol en de Amsterdamse haven worden geraakt.
Voor vastgoedbeslissingen komt dit neer op een groter locatie- en continuïteitsrisico. Niet alleen herstelkosten spelen een rol. Ook leegstand, tijdelijke onbereikbaarheid, onderbreking van bedrijfsprocessen en hogere eisen aan verzekerbaarheid kunnen de exploitatie en waardeontwikkeling beïnvloeden. Bij gebiedsontwikkeling en portefeuillebeheer wordt de betrouwbaarheid van regionale waterinfrastructuur daarmee een steeds zwaardere randvoorwaarde.
Een gebouw kan technisch klimaatbestendig zijn, maar blijft kwetsbaar wanneer de achterliggende water-, energie- en transportinfrastructuur onvoldoende betrouwbaar is.
Investering concurreert met andere projecten
Vervanging alleen is niet voldoende. Door de stijgende zeespiegel kan water steeds minder vaak via zwaartekracht naar zee worden gespuid. De pompcapaciteit moet daarom worden uitgebreid, terwijl voor de geraamde investering van €1,4 miljard tot €2,3 miljard nog geen toereikend budget beschikbaar is.
Het kabinet moet het gemaal afwegen tegen andere verouderde bruggen, wegen en sluizen. Voor vastgoedeigenaren en ontwikkelaars ontstaat hierdoor onzekerheid over het tempo waarin regionale klimaatrisico’s worden beperkt. In investeringsanalyses verdient niet alleen de actuele waterkans aandacht, maar ook de financiering en planning van noodzakelijke publieke maatregelen.
Zolang een definitief besluit uitblijft, neemt de afhankelijkheid van onderhoud en tijdelijke noodmaatregelen toe. De discussie rond IJmuiden laat daarmee zien dat achterstallige infrastructuur rechtstreeks kan doorwerken in vastgoedrisico, bedrijfscontinuïteit en de aantrekkelijkheid van complete vestigingsgebieden.
Bron: fd.nl