De maximale Mpg-score voor woningen gaat per 1 juli omhoog, maar dat betekent niet dat gebouwen minder duurzaam mogen worden. De rekenmethode voor milieuprestaties wordt breder en strenger, waardoor scores automatisch hoger uitvallen en ontwerpers, ontwikkelaars en bouwers vooral scherper moeten sturen op materiaalkeuzes, milieudata en gebruiksfunctie.
1,6
wordt de nieuwe maximale Mpg-score voor grote woningen vanaf 1 juli.
19
milieucategorieën tellen straks mee in de nieuwe A2-rekenset.
1,8
wordt de grens voor nieuwe functies zoals winkels, scholen, zorggebouwen en industrie.
Nieuwe rekenmethode verandert het speelveld
De milieuprestatie gebouwen, kortweg Mpg, geeft aan wat de milieubelasting is van de materialen in een gebouw over de hele levensduur. Vanaf 1 juli wordt die prestatie niet meer berekend met elf, maar met negentien milieucategorieën.
De hogere grenswaarde is dus vooral een correctie op een uitgebreidere meetlat. Voor de praktijk houdt dit in dat een score van 1,6 onder de nieuwe methode niet één-op-één te vergelijken is met een score van 0,8 onder de oude methode.
Meer milieueffecten tellen mee
De nieuwe A2-set kijkt breder naar de milieubelasting van gebouwen. Naast bestaande onderdelen komen onder meer watergebruik, smogvorming, fijnstofemissies, toxiciteit van materialen en effecten op bodemkwaliteit nadrukkelijker in beeld.
Ook klimaatverandering wordt verfijnder berekend. Waar eerder één totaalscore gold, wordt straks onderscheid gemaakt tussen fossiele, biogene en landgebruikgerelateerde effecten. Hierdoor ontstaat een nauwkeuriger beeld van de werkelijke milieudruk van materiaalkeuzes.
Woningen krijgen hogere grens
Voor grote woningen stijgt de maximaal toegestane Mpg-score van 0,8 naar 1,6. Dat lijkt op papier een verdubbeling, maar recente analyse van ruim vijftig woonconcepten laat zien dat de nieuwe rekenregels scores gemiddeld ongeveer 1,8 keer hoger maken.
Dit betekent dat de lat niet simpelweg lager komt te liggen. Ontwikkelaars moeten vooral rekening houden met een andere berekeningsbasis, waarbij materialen die op meerdere milieueffecten slecht scoren sneller zichtbaar worden in de totale Mpg.
De Mpg-grens gaat omhoog omdat de meetlat breder wordt, niet omdat de bouw meer milieubelasting cadeau krijgt.
Kleine woningen krijgen maatwerk
De nieuwe grens van 1,6 geldt niet voor appartementen kleiner dan 60 m2 en andere woningen kleiner dan 80 m2. Voor deze categorieën komt een soepelere grens, waarbij de toegestane Mpg-score afhankelijk wordt van het gebruiksoppervlak.
Dat maatwerk is logisch omdat kleine woningen relatief veel materiaal per vierkante meter kunnen vragen. Het gevolg is dat compacte woningen niet automatisch worden benadeeld door hun ongunstigere verhouding tussen vloeroppervlak, gevel, installaties en constructie.
Kantoren worden juist strenger beoordeeld
Bij kantoren stijgt de grens van 1 naar 1,55, maar door de nieuwe rekenmethode komt dit neer op een aanscherping van ongeveer 15%. De hogere scoregrens verhult dus dat kantoren in feite beter moeten presteren op milieubelasting.
Ook hier komt maatwerk voor gebouwen met relatief veel verliesoppervlak, zoals dak, gevels en beganegrondvloer in verhouding tot het vloeroppervlak. Kantoren met een ongunstige gebouwvorm kunnen daardoor een hogere grens krijgen, omdat hun materiaalgebruik per bruikbare vierkante meter structureel hoger ligt.
Nieuwe functies vallen onder Mpg
Vanaf 1 juli gaan Mpg-eisen ook gelden voor nieuwe gebruiksfuncties zoals winkels, hotels, industriegebouwen, scholen en zorginstellingen. Voor deze functies wordt de maximale milieuprestatie-eis vastgesteld op 1,8.
Die grens is bewust ruim gekozen, omdat deze sectoren nog weinig ervaring hebben met een verplichte Mpg-eis. In de praktijk ontstaat hiermee een invoerperiode waarin marktpartijen data verzamelen, ontwerpkeuzes leren doorrekenen en beter zicht krijgen op haalbare reductie van milieubelasting.
Duurzaamheid wordt meetbaarder
De wijziging maakt de Mpg belangrijker in het ontwerp- en ontwikkelproces. Materiaalkeuzes, gebouwvorm, gebruiksoppervlak en functie bepalen samen hoe haalbaar een project binnen de nieuwe grenswaarden blijft.
Voor projectteams wordt vroeg rekenen belangrijker dan achteraf repareren. Wie pas laat in het ontwerp toetst, loopt meer risico op kostbare aanpassingen in constructie, gevel, installaties of materiaalgebruik.
Bron: cobouw.nl