De huisvesting van statushouders blijft sterk achter bij de wettelijke taakstellingen. Daardoor loopt de druk op sociale huurwoningen, gemeentelijke planning en asielzoekerscentra verder op, terwijl het landelijke woningtekort al groot is.
8.800
Statushouders wachten op een woning die gemeenten volgens de taakstelling moeten regelen.
7 op 10
Zoveel gemeenten lopen achter bij de huisvesting van statushouders.
384.000
Zo groot is het totale woningtekort in Nederland volgens ABF Research.
Taakstelling blijft buiten bereik
De huisvesting van statushouders komt nog altijd onvoldoende op gang. Volgens cijfers van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties helpt een ruime meerderheid van de gemeenten minder statushouders aan woonruimte dan wettelijk is afgesproken.
Gemeenten hebben taakstellingen gekregen voor de huisvesting van mensen met een verblijfsvergunning. Volgens die afspraken zouden circa 24.000 statushouders inmiddels een woning moeten hebben. In de praktijk zijn dat er iets meer dan 15.000, waardoor de achterstand ruim 8.800 personen bedraagt.
Sociale huur is de bottleneck
Gemeenten wijzen vooral op het tekort aan sociale huurwoningen. Dat maakt de opgave groter dan alleen het uitvoeren van een administratieve taakstelling. In de praktijk concurreren statushouders, reguliere woningzoekenden en andere urgente groepen om een beperkt aantal beschikbare woningen.
Amsterdam loopt met een achterstand van 1.528 woningen het meest achter. Ook in Drenthe en Flevoland zijn de tekorten zichtbaar, met achterstanden van respectievelijk 456 en 251 woningen. Het gevolg is dat regionale woningmarkten verschillend worden geraakt, maar dat de onderliggende druk overal samenhangt met schaarste.
De achterstand bij statushouders laat zien hoe beperkt de schuifruimte in de sociale huursector is: elke vertraagde woningtoewijzing werkt door in opvang, wachttijden en lokaal beleid.
Doorstroom stokt in azc’s
Omdat statushouders zonder woning langer in asielzoekerscentra blijven, neemt ook de druk op opvanglocaties toe. Van de 83.000 bewoners van azc’s zijn er inmiddels iets meer dan 19.000 statushouder. Daardoor blijven plekken bezet die eigenlijk nodig zijn voor nieuwe asielzoekers.
Ook bij opvangplekken lopen gemeenten achter. Begin dit jaar voldeed slechts vier op de tien gemeenten aan de verplichtingen uit de Spreidingswet. De bestuurlijke uitvoerbaarheid wordt bovendien gevoeliger nu in meerdere gemeenten partijen groot zijn geworden die tegen asielopvang zijn.
Gevolgen voor vastgoedbeleid
Voor de vastgoedpraktijk draait deze ontwikkeling om meer dan huisvesting alleen. Corporaties, gemeenten en vastgoedprofessionals moeten sociale voorraad, urgentiebeleid, nieuwbouwplanning en opvangcapaciteit steeds sterker in samenhang bekijken. Een verbod op voorrang voor statushouders via urgentie ligt bovendien juridisch gevoelig, nadat de Raad van State oordeelde dat het voorstel strijdig is met de Grondwet.
Zolang de sociale huurvoorraad onvoldoende meegroeit, blijft de uitvoering kwetsbaar. Dit vertaalt zich in oplopende wachttijden, hogere druk op tijdelijke opvang en meer spanning tussen wettelijke verplichtingen en lokale woningmarktcapaciteit.
Bron: nrc.nl