Het woningtekort in Nederland daalt voor het tweede jaar op rij, maar blijft met 384.000 woningen groot. Een lager migratiesaldo en meer nieuwbouw en transformatie zorgen voor lichte verlichting. Voor de vastgoedpraktijk verandert de kernopgave nauwelijks: betaalbaarheid, doorstroming en realisatiecapaciteit blijven bepalend voor beleid en investeringsbeslissingen.
384.000
woningen tekort in de raming voor 2026
4,6%
van de woningvoorraad ontbreekt volgens ABF Research
213.000
extra woningen zijn direct nodig om het kabinetsdoel te halen
Tekort daalt, maar blijft groot
Het geschatte woningtekort komt in 2026 uit op 384.000 woningen, blijkt uit de jaarlijkse raming van ABF Research. Dat is minder dan de 396.000 woningen in 2025. In de praktijk betekent dit een beperkte ontspanning, maar geen wezenlijk andere woningmarkt.
Het tekort bedraagt 4,6 procent van de totale woningvoorraad, tegenover 4,8 procent een jaar eerder. Het kabinet mikt op ongeveer 2 procent. Om dat niveau al in 2026 te bereiken, zijn volgens ABF Research per direct 213.000 extra woningen nodig.
Lagere bevolkingsgroei helpt tijdelijk
De daling komt vooral door een lagere bevolkingsgroei dan eerder verwacht. Omdat het geboortecijfer al jaren vrij stabiel is, wordt de extra woningvraag sterk beïnvloed door migratie. Een lager migratiesaldo remt daardoor de groei van de woningbehoefte.
Die verlichting blijft kwetsbaar. Internationale conflicten of veranderende migratiestromen kunnen de vraag snel opnieuw vergroten. Voor gemeenten en ontwikkelaars blijft het daarom riskant om structureel beleid te baseren op een tijdelijke demografische meevaller.
De daling van het woningtekort is positief, maar kwetsbaar. Eén omslag in bevolkingsgroei, vergunningverlening of bouwtempo kan de druk op de woningmarkt snel opnieuw vergroten.
Bouwtempo biedt vertrouwen, geen garantie
Ook het hogere bouwtempo draagt bij aan de daling. Sinds 2018 groeit de woningvoorraad jaarlijks met gemiddeld 75.000 woningen. Dat ligt boven het gemiddelde van ongeveer 68.000 woningen per jaar in de Vinex-periode van 1995 tot 2004.
ABF Research verwacht dat de piek in woningtoevoegingen in 2027 wordt bereikt. Sinds 2023 stijgt het aantal bouwvergunningen sterk, waardoor het kabinetsdoel van 100.000 toegevoegde woningen per jaar dichterbij komt. Vergunningen zijn echter nog geen opleveringen; bouwcapaciteit, financiering, procedures en lokale uitvoerbaarheid blijven bepalend.
Volgehouden productie blijft nodig
De lichte daling verandert weinig aan de vastgoedopgave. Het tekort liep sinds 2018 sterk op en kwam in 2024 voor het eerst boven de 400.000 woningen uit. De huidige verbetering is daarom vooral een stap in de goede richting, geen structurele oplossing.
Voor de sector betekent dit dat woningbouwprogramma’s niet alleen op aantallen moeten worden beoordeeld, maar ook op betaalbaarheid, doelgroep en doorstroming. Pas wanneer hogere vergunningenstromen langdurig worden omgezet in opleveringen, kan de woningmarkt dichter bij het gewenste tekort van circa 2 procent komen.
Bron: nrc.nl