Bijna 9% van de huisverkopers verlaagt de vraagprijs

21 september 2026 Leestijd: 3 minuten

De Nederlandse woningmarkt blijft krap, maar een groeiend aantal verkopers moet de vraagprijs naar beneden bijstellen. In het tweede kwartaal van 2026 verlaagde 8,9% van de huisverkopers de vraagprijs, tegenover 7,5% een jaar eerder. Vooral bij woningen vanaf € 1 miljoen neemt de ruimte voor hoge prijsverwachtingen af. Dat blijkt uit cijfers van makelaarskoepel Dynamis.

8,9%

Van de verkopers verlaagde de vraagprijs in het tweede kwartaal van 2026.

20%

Van de woningen vanaf € 1 miljoen kreeg een lagere vraagprijs.

€ 39.300

Gemiddelde verlaging van de vraagprijs in Nederland.

Hoge prijsverwachtingen worden vaker bijgesteld

Vastgoedmarkt waarin verkopers hun vraagprijs bijstellenVerkopers passen hun vraagprijs niet alleen vaker aan, maar doen dat ook eerder in het verkoopproces. Volgens Dynamis gebeurt dit vooral wanneer een woning aanvankelijk te hoog in de markt is gezet. De oorspronkelijke prijsverwachting sluit dan onvoldoende aan bij wat potentiële kopers bereid zijn te betalen.

De toename van prijsverlagingen betekent niet automatisch dat woningen voor lagere bedragen worden verkocht. Dynamis benadrukt dat de ontwikkeling geen daling van de transactieprijzen aantoont. Het gaat om een correctie van de oorspronkelijke vraagprijs, die niet noodzakelijk overeenkomt met de uiteindelijke verkoopwaarde.

Vooral dure woningen ondervinden prijsdruk

In het hogere prijssegment zijn prijsverlagingen aanzienlijk gebruikelijker. Bij één op de vijf woningen met een vraagprijs van minimaal € 1 miljoen werd het oorspronkelijke bedrag naar beneden bijgesteld. In dit segment is de groep potentiële kopers kleiner, terwijl het beschikbare aanbod toeneemt.

Meer keuze geeft kopers ruimte om kritischer naar woningen en vraagprijzen te kijken. Ook de gestegen hypotheekrentes kunnen de betaalbaarheid beïnvloeden en daarmee de onderhandelingsruimte veranderen. Volgens Dynamis kan de ontwikkeling zich hierdoor voortzetten.

Een krappe woningmarkt garandeert geen snelle verkoop tegen iedere vraagprijs. Vooral in het hogere segment wordt een realistische prijsstelling belangrijker om langdurige verkooptrajecten en latere prijscorrecties te beperken.

Zeeland kent de grootste prijsverlagingen

Regionaal zijn de verschillen aanzienlijk. Zeeland heeft het hoogste aandeel woningen waarvan de vraagprijs wordt verlaagd. Volgens Dynamis is de vraag naar woningen daar relatief beperkt, waardoor extra aanbod minder gemakkelijk tot verkopen leidt. Een aanpassing van de vraagprijs komt daardoor eerder in beeld.

Ook de omvang van de prijsverlagingen is in Zeeland het grootst. De vraagprijs werd daar in het tweede kwartaal gemiddeld met 7,9% verlaagd. Landelijk bedroeg de gemiddelde verlaging 6,3%, wat neerkomt op € 39.300 per woning waarvan de vraagprijs werd aangepast.

Realistische waardering wordt bepalender

De cijfers laten zien dat landelijke woningmarktkrapte en lokale verkoopmogelijkheden uiteen kunnen lopen. Een hoge vraagprijs kan de verkoop vertragen wanneer het beschikbare aanbod groter is of de potentiële kopersgroep beperkt blijft.

Voor vastgoedwaardering en verkoopbeslissingen onderstreept dit het belang van een prijsstelling die aansluit bij de regionale vraag, het concurrerende aanbod en de financieringsmogelijkheden van kopers. Daarbij blijft het onderscheid tussen vraagprijs en gerealiseerde verkoopprijs essentieel voor een betrouwbare beoordeling van de marktwaarde.

Meer weten over de invloed van economische ontwikkelingen op de vastgoedmarkt? Bekijk dan de cursus Vastgoedmarkt & Trends van Vastgoed Business School.

Bron: fd.nl