Wkb onder druk: toezichthouder wil toch versnellen

31 augustus 2026 Leestijd: 3 minuten

De toezichthouder op de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen wil tempo maken met de verdere invoering van de Wkb. Tegelijkertijd blijkt uit eigen controles dat kwaliteitsborgers en instrumentaanbieders nog regelmatig tekortschieten. Die combinatie voedt discussie over de vraag of uitbreiding naar complexere bouwprojecten al verantwoord is.

64

Bouwprojecten zijn in het afgelopen halfjaar steekproefsgewijs geïnspecteerd.

32

Projecten waarbij de kwaliteitsborging volgens de toezichthouder onvoldoende was.

2 van 6

Instrumentaanbieders schieten volgens de toezichthouder langdurig tekort.

Uitbreiding terwijl controles tekortschieten

Kwaliteitsborging bij bouwprojecten onder de WkbVooralsnog geldt de Wkb alleen voor nieuwbouw in gevolgklasse 1, waaronder grondgebonden woningen en kleinere gebouwen. De Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw wil het stelsel sneller uitbreiden naar verbouwingen en uiteindelijk ook naar kantoren, appartementencomplexen, ziekenhuizen en hoogbouw.

Die oproep staat op gespannen voet met de uitkomsten van recente controles. Bij de helft van 64 onderzochte projecten werden gebreken onvoldoende opgemerkt of werden voorgeschreven beheersmaatregelen niet goed uitgevoerd. Volgens de toezichthouder moeten ook kleinere afwijkingen van bouwtechnische eisen consequent worden meegenomen.

Ook toezicht op borgers hapert

Niet alleen kwaliteitsborgers krijgen kritiek. Nederland telt zes instrumentaanbieders die systemen leveren voor kwaliteitscontroles en zelf toezicht moeten houden op de borgers. Twee daarvan schieten volgens de toelatingsorganisatie stelselmatig en langdurig tekort.

De tekortkomingen variëren van onvoldoende controle op bouweisen tot gebrekkige administratie van afwijkingen en matige rapportages over inspecties. Tegen de twee aanbieders wordt daarom een last onder dwangsom overwogen. Daarmee komt de kwaliteit van het toezicht binnen het stelsel zelf nadrukkelijker onder de aandacht.

De kern van de discussie is niet alleen of de Wkb kan worden uitgebreid, maar vooral of zwakke kwaliteitsborgers en instrumentaanbieders tijdig en effectief uit het stelsel worden gecorrigeerd.

Twee stelsels zorgen voor extra druk

De toezichthouder verdedigt de versnelde uitrol vooral vanuit uitvoerbaarheid. Het naast elkaar laten bestaan van het oude en nieuwe stelsel vraagt volgens de organisatie veel capaciteit van alle partijen in de bouwketen en kan bovendien onzekerheid veroorzaken over de uiteindelijke koers van de overheid.

De gedachte is dat bredere toepassing meer praktijkervaring oplevert en daarmee ook ruimte biedt om de kwaliteitsborging verder te verbeteren. Tegenstanders vinden juist dat uitbreiding pas logisch is wanneer structurele tekortkomingen aantoonbaar zijn aangepakt.

Vertrouwen bepaalt volgende stap

Vereniging Bouw- & Woningtoezicht Nederland plaatst vraagtekens bij de haast. Volgens directeur Wico Ankersmit ontbreekt bij gemeenten nog voldoende vertrouwen voor uitbreiding naar gevolgklasse 2 en 3 en is er voor kwaliteitsborgers weinig verdienmodel bij verbouwingen.

Voor verdere invoering wordt daarmee niet alleen de technische werking van de Wkb bepalend. Ook toezicht, handhaving en vertrouwen tussen kwaliteitsborgers, gemeenten en bouwpartijen zullen moeten meegroeien. Zonder die basis kan een snellere uitrol juist extra uitvoeringsrisico’s aan het stelsel toevoegen.

Bron: cobouw.nl