Brandveiligheid gevel vraagt om praktijkcheck

15 juni 2026 Leestijd: 4 minuten

De brandveiligheid van de gebouwschil vraagt om meer aandacht dan een toets op papier. Onderzoek van Haskoning laat zien dat details, materialen en uitvoering in de praktijk kunnen afwijken van wat in vergunningstukken is bedacht, met directe gevolgen voor risico, aansprakelijkheid en kosten in woningbouw en beheer.

2024

was het jaar waarin het NIPV onderzoek deed naar drie branden via de gebouwschil.

€8.000

aan meerkosten wordt geraamd voor betere brandwerendheid bij een rijwoning.

€10.000

per appartement is ongeveer nodig voor vergelijkbare verbeteringen.

Papier en uitvoering lopen uiteen

brandveiligheid van de gebouwschilGebouwen die op papier voldoen aan brandveiligheidseisen, zijn in de praktijk niet altijd voldoende veilig uitgevoerd. Volgens onderzoek van ingenieursbureau Haskoning worden gevel- en dakdetails vaak beoordeeld op basis van referentietekeningen, terwijl die details op de bouwplaats soms nauwelijks nog herkenbaar zijn.

Het rapport volgt op onderzoek van het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid naar drie Nederlandse branden waarbij vuur zich via de gebouwschil verspreidde. Haskoning onderzocht in opdracht van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening welke maatregelen de overheid kan nemen om zulke branden te voorkomen.

Referentiedetails zijn geen garantie

Een belangrijk knelpunt is dat de sector lang heeft vertrouwd op SBR-referentiedetails van ISSO. Die details worden volgens Haskoning niet als complete combinatie getest, maar bevatten maatregelen waarvan wordt aangenomen dat ze samen voldoende brandwerendheid opleveren.

Brandscenario’s van de afgelopen jaren hebben volgens het bureau zwakke plekken blootgelegd in zowel de details als de uitvoeringspraktijk. De brand in Arnhem in 2023, waarbij acht woningen werden verwoest, laat zien hoe groot het verschil tussen vergunningaanvraag en uitvoering kan worden.

Voor de vastgoedpraktijk betekent dit dat controle op brandveiligheid niet kan stoppen bij ontwerpstukken. Juist aansluitingen, materiaalovergangen en uitvoeringsdetails bepalen of brand zich kan verspreiden naar aangrenzende compartimenten.

De kern van het probleem is dat een veilig detail op papier geen veilige gebouwschil garandeert wanneer materiaalcombinaties, aansluitingen en uitvoering niet als geheel worden beoordeeld.

Nieuwe materialen vergroten de complexiteit

De risico’s worden groter doordat bouwmethoden en materialen snel veranderen. Naast traditionele constructies met beton en steen neemt het gebruik van lichtere bouwsystemen toe, waaronder houtskeletbouw en nieuwe gebouwschillen voor verduurzaming van bestaande woningen.

Haskoning wijst erop dat de sector tekortschiet in het testen van materiaalcombinaties. Vaak wordt niet de volledige dak- of gevelopbouw getest, maar wordt aangenomen dat afzonderlijke materialen met brandklasse B samen ook een constructie met brandklasse B opleveren.

Die aanname is riskant. Diepere lagen in een gevelconstructie kunnen het brandverloop beïnvloeden en materialen kunnen elkaar negatief versterken, bijvoorbeeld door terugstraling.

Regels vragen om scherpere uitleg

De Nederlandse bouwvoorschriften zijn prestatiegericht. Dat geeft ontwerpers en bouwers keuzevrijheid, omdat niet één specifieke oplossing wordt voorgeschreven zolang het eindresultaat aan de eisen voldoet.

Haskoning stelt voor om nieuwe eisen op te nemen in het Besluit bouwwerken leefomgeving, zodat bepaalde maatregelen specifieker worden afgedwongen. Dat is ingrijpend, omdat het afwijkt van de huidige systematiek met prestatie-eisen en waarschijnlijk een langer traject vraagt.

Op kortere termijn ziet het bureau winst in betere voorlichting en duidelijker opgeschreven regels. Wanneer eisen rond detaillering en uitvoering beter vindbaar en begrijpelijk zijn, wordt het voor ontwerpers, bouwers en toezichthouders eenvoudiger om dezelfde norm in de praktijk toe te passen.

Kosten worden onderdeel van risicosturing

Haskoning heeft ook berekend wat verbeterde referentiedetails kunnen kosten. Voor een rijwoning komt betere brandwerendheid uit op ruim 8.000 euro aan extra materiaal- en arbeidskosten. Voor appartementen ligt dat bedrag op bijna 10.000 euro per stuk.

Voor eigenaren, ontwikkelaars en beheerders maakt dit brandveiligheid nadrukkelijk tot een investeringsvraagstuk. De afweging gaat niet alleen over voldoen aan regelgeving, maar ook over risicovermindering, verzekerbaarheid, onderhoudsplanning en toekomstige aansprakelijkheid.

Minister Boekholt-O’Sullivan heeft aan de Tweede Kamer laten weten dat zij de aanbevelingen van Haskoning overneemt. Daarmee komt de gebouwschil nadrukkelijker op de agenda bij nieuwbouw, renovatie en verduurzaming van bestaande woningen.

Bron: cobouw.nl