Gemeentefinanciën onder druk ondanks miljardenreserves

9 maart 2026

Miljardenreserves bij gemeenten geven vertekend beeld

Op papier lijken Nederlandse gemeenten financieel sterk te staan. Gezamenlijk beschikken zij over ongeveer €43 miljard aan reserves. Toch blijkt in de praktijk dat veel gemeenten moeite hebben om te investeren in nieuwe schoolgebouwen, infrastructuur of onderhoud van de openbare ruimte.

Het jaarlijkse financiële rapport over gemeenten van accountant BDO draagt bij aan dit beeld van financiële gezondheid. In de benchmark kregen gemeenten gemiddeld een rapportcijfer van 8,4 en sloten zij het afgelopen jaar gezamenlijk af met een overschot van €2,4 miljard.

Maar achter deze cijfers gaat een minder rooskleurige werkelijkheid schuil. Veel reserves hebben namelijk al een specifieke bestemming en kunnen niet vrij worden ingezet. Tegelijkertijd stijgen de kosten sneller dan de inkomsten, waardoor gemeenten juist voorzichtig moeten omgaan met nieuwe investeringen.

Toekomstige tekorten drukken op gemeentelijke investeringsruimte

Volgens analyses van economen en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten neemt de investeringsruimte van gemeenten al jaren af. Waar gemeenten in 2024 gemiddeld nog ongeveer €408 per inwoner konden investeren, kan dit bedrag in de periode tot 2030 dalen naar circa €239.

Daarmee ligt het investeringsniveau aanzienlijk lager dan vóór de financiële crisis van 2009, toen gemeenten omgerekend nog ongeveer €563 per inwoner konden investeren.

Zonder extra middelen van het Rijk wordt het volgens onderzoekers voor veel gemeenten moeilijk om noodzakelijke investeringen te blijven doen. Denk aan renovatie van schoolgebouwen, onderhoud van wegen en bruggen of aanpassingen van stedelijke infrastructuur.

Vervangingsopgave vastgoed en infrastructuur groeit

De druk wordt extra voelbaar doordat veel publieke voorzieningen tegelijkertijd aan vervanging toe zijn. Vooral wijken die in de jaren zestig en zeventig zijn ontwikkeld, bereiken nu een punt waarop infrastructuur, riolering en gebouwen grootschalig moeten worden vernieuwd.

Ook in het onderwijs groeit de opgave. Volgens schattingen moet ongeveer 9% van de Nederlandse schoolgebouwen in de komende jaren daadwerkelijk worden vervangen. Dat komt neer op honderden scholen verspreid door het land.

Voor gemeenten betekent dit een aanzienlijke vastgoedopgave die moeilijk te combineren is met de beperkte financiële ruimte in de begrotingen.

Sociaal domein slokt steeds groter deel van begrotingen op

Een belangrijke oorzaak van de druk op gemeentefinanciën ligt in het sociaal domein. Sinds de decentralisatie van zorgtaken in 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor onder andere jeugdzorg. De kosten daarvan blijken in veel gemeenten veel sneller te stijgen dan verwacht.

In sommige gemeenten gaat inmiddels een groot deel van het budget naar zorg en ondersteuning. Dat geld moet ergens vandaan komen en wordt vaak onttrokken aan investeringen in vastgoed, infrastructuur of voorzieningen.

Daardoor worden projecten zoals nieuwe schoolgebouwen of renovaties van publieke voorzieningen regelmatig uitgesteld.

Lokale voorbeelden tonen spanningen in gemeentebegrotingen

De gevolgen van deze financiële spanning worden zichtbaar in verschillende gemeenten. In Kapelle bijvoorbeeld moest de bouw van een nieuw schoolgebouw jaren worden uitgesteld omdat de kosten voor jeugdzorg sterk oplopen.

Ook andere gemeenten staan voor vergelijkbare keuzes. In Amersfoort wordt gekeken naar versobering van onderhoud in de openbare ruimte, zoals minder groenbeheer of het later vervangen van infrastructuur. Tegelijkertijd vraagt de verouderde infrastructuur in oudere woonwijken juist om forse investeringen.

In Etten-Leur speelt daarnaast de vraag hoe groeiende woningbouw kan worden gecombineerd met investeringen in infrastructuur. De gemeente wil duizenden nieuwe woningen realiseren, maar projecten zoals een spoortunnel en nieuwe wegen vragen tientallen miljoenen euro’s aan aanvullende investeringen.

Afhankelijkheid van rijksmiddelen blijft groot

Voor veel gemeenten is de financiële ruimte sterk afhankelijk van de uitkeringen uit het gemeentefonds. Een groot deel van hun begroting komt rechtstreeks van het Rijk, waardoor veranderingen in de verdeelsystematiek of bezuinigingen grote gevolgen kunnen hebben voor lokale investeringen.

Onzekerheid over toekomstige bijdragen maakt het voor gemeenten lastig om langetermijnplannen te maken voor vastgoedontwikkeling, infrastructuur en gebiedsontwikkeling.

Ondanks de relatief hoge reserves staan gemeenten daardoor voor een ingewikkelde financiële balans: investeren in de toekomst, terwijl de structurele ruimte in de begroting steeds verder onder druk komt te staan.

Bron: fd.nl