Vijf jaar na de overstromingen in Limburg is de schadeafhandeling bij grote waterrampen nog steeds kwetsbaar. Voor vastgoed betekent dit dat eigenaren, beleggers, beheerders en ondernemers bij extreme neerslag nog altijd rekening moeten houden met onzekerheid over dekking, herstelkosten en tijdelijke onbruikbaarheid van gebouwen.
2021
Jaar waarin hevige regenval delen van Limburg zwaar trof.
700
Woningen waren tijdelijk onbewoonbaar na de overstromingen.
200
Doden vielen over de grens in Duitsland en België.
Schade blijft lastig te verhalen
De Limburgse overstromingen maakten duidelijk hoe ingewikkeld de financiële nasleep van extreem weer kan zijn. Door het buiten de oevers treden van de Geul, de Maas en kleinere beken ontstond grote materiële schade aan woningen, winkels, horeca, ondernemingen en instellingen.
De overheid activeerde destijds snel de Wet Tegemoetkoming Schade. Die regeling is bedoeld als vangnet bij rampen, maar niet als volledige verzekering. In de praktijk ontstond daardoor juist spanning tussen verwachting en uitkering.
WTS is geen volledige dekking
De WTS bleek vooral beperkt doordat schade niet altijd onder de regeling viel. In zwaar getroffen gebieden waar verzekering tegen overstroming door kleinere beken mogelijk was geweest, gold de regeling niet. Voor vastgoedbezitters betekent dit dat verzekerbaarheid en feitelijke dekking vooraf scherp moeten worden beoordeeld.
Ook wie wel verzekerd was, kreeg niet altijd genoeg uitgekeerd om volledig herstel of vervanging te bekostigen. Extra lasten, zoals dubbele woonlasten bij tijdelijke onbewoonbaarheid, vielen bovendien niet vanzelf onder vergoeding. Hierdoor kan een waterramp direct doorwerken in liquiditeit, exploitatie en waardeherstel.
De belangrijkste les voor de vastgoedpraktijk is dat schade na extreem weer niet alleen een bouwkundig probleem is, maar ook een verzekerings-, kasstroom- en beleidsrisico.
Nieuwe oplossing blijft uit
Verzekeraars pleiten al langer voor een bredere waterschadeverzekering in samenwerking met de overheid. Hun redenering is dat een grote waterramp in Nederland te omvangrijk kan zijn om alleen privaat te dragen. Een publiek-private oplossing met overheidsgarantie zou volgens hen meer duidelijkheid kunnen geven vanaf de eerste schadedag.
De overheid koos tot nu toe echter voor behoud van de WTS. Wel wordt gekeken naar verbetering, waaronder meer duidelijkheid vooraf en mogelijk één loket voor gedupeerden. Medio 2026 is die gezamenlijke schadeaanpak nog altijd niet concreet ingevoerd.
Vastgoed moet zelf scherper sturen
Voor vastgoedprofessionals is de conclusie helder: wachten op een nieuw nationaal systeem is risicovol. Bij aankoop, taxatie, beheer en portefeuillebeleid wordt watergevoeligheid steeds meer een onderdeel van de financiële beoordeling.
In de praktijk komt dit neer op betere controle van polisvoorwaarden, inzicht in tijdelijke gebruiksuitval en aandacht voor preventieve maatregelen. Zolang schadeafhandeling bij overstroming complex blijft, hoort klimaatrisico thuis in elke vastgoedbeslissing met een lange horizon.
Bron: nrc.nl