Bollenvloeren blijven eigenaarspijn

6 juli 2026 Leestijd: 3 minuten

Waterschap Rijn en IJssel lijkt zelf te moeten opdraaien voor de versterking van BubbleDeck-vloeren in het hoofdkantoor in Doetinchem. Een advies aan de Hoge Raad wijst erop dat bouwer Aan de Stegge Groep waarschijnlijk niet aansprakelijk is. Voor vastgoedeigenaren laat de zaak zien hoe constructieve onzekerheid jaren na oplevering kan uitgroeien tot een kostbaar exploitatie- en juridisch risico.

2008

jaar waarin het hoofdkantoor werd opgeleverd

40+

werkplekken zijn niet bruikbaar in het pand

€17 mln

is geraamd voor versterking en achterstallig onderhoud

Aansprakelijkheid lijkt niet bij de bouwer te landen

Versterking van BubbleDeck-vloeren in vastgoedDe procureur-generaal adviseert de Hoge Raad om de eerdere lijn van het gerechtshof te volgen. Daarmee lijkt Aan de Stegge Groep niet te hoeven betalen voor de versterking van de vloeren. De Hoge Raad moet nog uitspraak doen, maar zo’n advies wordt doorgaans zwaar meegewogen.

De zaak draait om BubbleDeck-vloeren, een type bollenvloer dat na de instorting van de parkeergarage in Eindhoven in 2017 extra aandacht kreeg. Sindsdien kan het waterschap ruim veertig werkplekken in Doetinchem niet gebruiken. Dat leidt tot langdurig gebruiksverlies, ook zonder vastgesteld acuut instortingsgevaar.

Bewezen sterkte telt juridisch mee

Volgens het advies is niet overtuigend aangetoond dat het pand op instorten staat. Dat de constructie volgens adviseurs niet volledig voldoet aan rekenregels en wetgeving, betekent juridisch niet automatisch dat sprake is van direct bezwijkgevaar.

Daarbij weegt mee dat het gebouw al jaren in gebruik is en volgens de aangehaalde argumentatie geen schade laat zien die past bij bewegende betonvloeren. Zo ontbreekt bijvoorbeeld glasschade aan de verdiepingshoge gevelpanelen. Hierdoor ontstaat een belangrijk onderscheid tussen normatieve onzekerheid en aantoonbaar constructief falen.

Een constructie die niet volledig aan rekenregels voldoet, leidt niet automatisch tot aansprakelijkheid van de oorspronkelijke bouwer. Bewezen gebruiksprestaties en veiligheidsmaatregelen kunnen zwaar meewegen.

Versterking gaat richting uitvoering

Het waterschap liet eerder ruim veertig werkplekken ontruimen, stempels plaatsen en loopbruggen aanbrengen. Volgens de procureur-generaal was daarmee direct gevaar geweken. Dat maakt het lastiger om de aannemer alsnog aansprakelijk te houden voor latere versterkingskosten.

De uitspraak van de Hoge Raad wordt waarschijnlijk kort na de zomer verwacht. Tegen die tijd start Van Wijnen naar verwachting met de werkzaamheden. De totale klus is geraamd op ongeveer 17 miljoen euro en omvat ook onderhoud dat de afgelopen jaren is blijven liggen.

Constructieve twijfel wordt vastgoedrisico

De nasleep van Eindhoven werkt nog altijd door bij gebouwen met vergelijkbare vloersystemen. Ook andere eigenaren kregen te maken met versterkingsopgaven, zoals bij het Krimpenerwaardcollege en de Jubi-torens in Den Haag.

Voor de vastgoedpraktijk laat de zaak zien dat technische onzekerheid veel verder reikt dan constructie alleen. Werkplekken kunnen uitvallen, onderhoud kan worden uitgesteld en aansprakelijkheidsdiscussies kunnen besluitvorming jarenlang beïnvloeden. Eigenaren zullen daarom niet alleen naar normen moeten kijken, maar ook naar schadebeelden, bewezen prestaties, gebruiksbeperkingen en de kosten van tijdelijke of definitieve maatregelen.

Bron: cobouw.nl